Angst 2011

Hans Alma: Angst en identiteit; De existentiële zeggingskracht van de opera Dialogues des Carmélites
In mijn lezing zal ik ingaan op de complexe betekenis van angst in de identiteitsontwikkeling, zoals deze naar voren komt in de opera Dialogues des Carmélites van de Franse componist Francis Poulenc. Het theoretische kader van waaruit ik dit thema bespreek, is ontleend aan de relationele psychoanalyse. Daarmee bedoel ik die psychoanalytische theorieën waarin niet biologische driften, maar interpersoonlijke relaties centraal staan. Hiertoe behoren o.a. de theorieën van Erik Erikson, Donald Winnicott en Ernest Schachtel. Aan de hand van de inzichten die deze theorieën aanreiken, probeer ik aan te tonen dat existentiële angst deel uitmaakt van het proces van identiteitsontwikkeling, en geen teken van zwakte of pathologie hoeft te zijn. Dat laat onverlet dat angstgevoelens verlammend kunnen zijn in een cultureel klimaat als het onze, waarin de waarden van vrijheid en autonomie zoveel nadruk krijgen. Een relationeel-psychoanalytische interpretatie van de opera leidt tot een herbezinning op deze waarden, vanuit het gezichtspunt dat identiteitsontwikkeling een intrinsiek relationeel proces is. We zullen zien dat een houding van ontvankelijkheid of receptiviteit hierin een belangrijke rol speelt.

De gehele lezing staat hier.

Joachim Duyndam: Angst en Mimesis
Mimesis verwijst sinds Aristoteles zowel naar imitatie en nabootsing als naar verbeelding en uitvoering in de kunst. In mijn lezing zal ik mimetische aspecten van angst bespreken. Ik zal daarbij in de eerste plaats ingaan op het besmettelijke karakter van angst. Angst behoort tot de meest ‘aanstekelijke’ van onze emoties, wat vanuit evolutionair oogpunt goed verklaarbaar is als overlevingskansen bevorderend, maar wat ook gevaarlijk en destructief kan zijn. Van hieruit worden andere relationele aspecten van angst verkend, inclusief de ‘de-relationele’ vereenzamende effecten van angst. Vervolgens zal ik het belang van empathie voor de omgang met angst inbrengen. Tenslotte kom ik uit bij de empathische werking van verbeelde angst in de kunst, met name het theater, waar de angst wordt verplaatst en, als het tot catharsis komt, zelfs geofferd.

Gerrit Glas: Angst – pathologie, structuur, existentiële ervaring
Angst is een emotie die iets zegt over wie wij zijn. De psychiater richt zich op pathologische vormen van angst, maar ontdekt al snel dat het in de praktijk niet zo gemakkelijk is een onderscheid te maken tussen normaal en abnormaal. De psychopathologie probeert de structuur van de angst te achterhalen en ontdekt dat er niet één maar vele vormen van angst bestaan. Angst is bovendien een gelaagd verschijnsel. Achter de ervaring van angst schuilen bepaalde patronen die wetenschappelijk onderzocht kunnen worden. Maar in die twee, individuele ervaring en meer algemene patronen, schemert vaak ook een dieper liggende laag door: de angst als een macht, als iets dat iemands bestaan in de greep houdt. Het moeilijkst is het iets te zeggen over de verhouding tussen pathologische vormen van angst en angst in de samenleving. Ik zal een poging doen toch iets te zeggen over angst in de samenleving.

Uitgebreide powerpoint, zie hier.


Ingmar Heytze: De atlas van wanen - een reis door de paleizen van de menselijke angst 
Er is de wereld van iedereen, er is de smalle tunnel van de waanzin, en aan het einde van de tunnel is er de isoleercel van je eigen, strikt eenzame privéhel. Ik wil een aantal van die helse cellen verkennen, als een Dante op Seroxat. Ik vertelde ooit het verhaal van mijn eigen angsten en wil nu de grote waanzin gaan verdichten.

De gehele 'atlas van wanen' staat hier.

Frauke Ohl: De Biologie van Angst: wat kunnen wij leren van dieren?
In mijn presentatie wil ik ingaan op de biologie van angst en op de vraag wat wij van dieren kunnen leren over angst. Wij beschouwen angst vooral als een ‘negatieve’ emotie, die we vooral liever niet willen ervaren. Echter, angst is een evolutief zeer conservatieve emotie, dat wil zeggen, angstreacties zijn ook al bij primitieve diersoorten vast te stellen. Angst is noodzakelijk om zich aan een veranderende omgeving aan te kunnen passen. Angstgedrag en begeleidende fysiologische processen stellen het individu in staat om snel op een potentiële bedreiging te kunnen reageren. Verder helpt angst ons om snel en effectief te leren, potentieel gevaarlijke situaties te herkennen en te vermijden. Angst is dus een zinvolle en zelfs wenselijke emotie - als het past binnen de context van een situatie.
 Echter, angst kan ook andere vormen aannemen en uiteindelijk het functioneren van een individu sterk belemmeren. Dat is bijvoorbeeld het geval als de angstreactie niet past bij de context of als een angstgevoel over lange tijd blijft bestaan. Bij de mens kan er dan sprake zijn van een angstaandoening. Maar, ook bij onze huisdieren, vooral bij honden en katten, worden de laatste jaren regelmatig angstaandoeningen gediagnosticeerd en ook behandeld. Daarnaast wordt veel angstonderzoek bij muizen en ratten gedaan.
 Maar hoe ontstaat een angstaandoening en waarom ontwikkelen sommige individuen wel, maar andere geen angstaandoening onder vergelijkbare condities? Kunnen alle dieren een angstaandoening ontwikkelen? En wat heeft het cognitieve vermogen te maken met angst? Er valt nog veel te leren over de biologie van angst bij mens en dier.
Uitgebreide powerpoint in pdf, zie hier.


Rob de Vries: Het “unheimische” karakter van psychotische angst
Wanneer psychotische mensen vertellen over hun ervaringen, roept dat een “unheimische” sfeer op. “Unheimisch” is een nederlandse vorming, die gebezigd wordt voor het duitse “unheimlich”. Het betekent “beklemmend, naargeestig, onheilspellend”. 
 In mijn presentatie zal ik dit beklemmende karakter van psychotische verhalen bespreken. Mijn centrale stelling is, dat het gaat om een angstwekkende vervreemding van wat tevoren vertrouwd was in de dagelijkse ervaring. Het vertrouwde maakt plaats voor het vreemde. Dit culmineert in de psychotische angst voor intrusie en fragmentatie. Aan de hand van casuistiek zal ik illustreren, hoe dit “unheimische” leidt tot angsten, die de authentieke existentie betreffen (angsten rond leven en dood, verdwijnen van het zelf, verbrokkeling van het persoonlijke verhaal). Vervolgens zal ik een beknopte schets geven van de geschiedenis en het belang van het concept “unheimlich”. Freud en de fenomenologie (m.n. Husserl, Heidegger) krijgen een belangrijke plaats in dit verhaal. Daarna zal ik poneren, dat in de dominante cognitivistische psychiatrische diagnostiek en behandeling het “unheimliche” als essentiële affectieve component van de psychotische ervaring niet voldoende gethematiseerd wordt. Tenslotte zal ik beargumenteren, dat een fenomenologische analyse van het “unheimliche” kan leiden tot een meer doorvoeld begrip voor psychotische uitingen, tot meer empathie in de dagelijkse omgang met psychotische mensen en tot minder stigmatiserende reactiepatronen.

Uitgebreide powerpoint, zie hier.